Wie is Hans Kneefel
Op de middelbare school was biologie voor mij het meest boeiende vak. De verbanden en werking van processen in de natuur buiten en binnen in het menselijk lichaam zijn fascinerend. Tot vandaag de dag verbaas ik mij meer over gezondheid dan over ziekte. Het vermogen van de mens onder de meest uiteenlopende omstandigheden in balans te kunnen functioneren en zich aan te passen verrast me nog steeds. Mijn keuze na de middelbare school was duidelijk: het moest met mensen te maken hebben en met bewegen.
1976 Cesar
Als kind had ik zelf op 6-jarige leeftijd Cesar gehad voor een slechte houding, mede daardoor begon ik in 1973 met de opleiding tot Oefentherapeut Cesar. Na mijn opleiding werkte ik in Apeldoorn 12 jaar in een verpleeghuis als oefentherapeut, in een groot team met veel jonge fysiotherapeuten. Hier heb ik veel geleerd en ontdekte, met name bij de psycho-geriatrie, dat bewegen alles te maken heeft met het vermogen zich te kunnen verbinden met de omgeving.
1988 Haptonomie
Eind jaren 80 raakte ik geïnteresseerd in de haptonomie. Het vermogen van de mens zich te openen of af te sluiten, zich te verbinden, was onderwerp in de opleiding Haptonomie bij Frans Veldman.
1986 Kinderoefentherapie
Ik had het verlangen meer met kinderen met ontwikkelingsproblemen te kunnen werken en volgde de post-HBO opleiding Motoriek en kinderen in 1986 en ben nu geregistreerd Kinderoefentherapeut.
1998 Shiatsu
Ik ging in 1998 Shiatsu studeren bij een zeer inspirerende leraar die het erg belangrijk vond om uit te kunnen leggen wat hij deed in de behandeling en kon vertellen wat cliënten zelf konden doen als bijdrage aan hun eigen gezondheid. Tot op de dag van vandaag gebruik ik nog zijn voorbeelden om uit te leggen hoe we ons “natuurlijker” kunnen gedragen en zo vitaal kunnen worden en blijven.
2003 Acupunctuur
Ik studeerde Acupunctuur in Antwerpen en studeerde in 2003 af in Nanjing, China. Als aanvulling op de Acupunctuur in mijn praktijk volgde ik in 2009 een opleiding van Jeremy Ross om westerse kruiden te kunnen gebruiken binnen de Chinese geneeswijze.
2004 Orthomoleculaire Voedingseducatie
Ik volgde in 2004 bij Stichting Orthomoleculaire Voedingseducatie de opleiding. Ook deze tak in de zorg vertegenwoordigt een wereld van kennis die naast omvangrijk ook nog erg dynamisch is; zaken die nu actueel zijn, zijn morgen verouderd. De basisprincipes blijven echter overeind en vaak maak ik mee dat een paar algemene adviezen al veel kunnen doen voor de cliënt.
2005 Bowen
Op een bijscholingscursus voor Acupunctuur ontmoette ik Hans Thijssen. Hij vertelde dat de BOWEN techniek een belangrijke plaats had ingenomen in zijn praktijk, zelfs de Acupunctuur was naar de achtergrond gegaan. Hij had BOWEN 10 jaar eerder naar Nederland gehaald en gaf les in dit onderwerp. Ik volgde een proefles bij hem en ging er mee aan de slag. Ik was verrast; dat je zo veel kon doen voor mensen met schijnbaar zo weinig. Ik rondde de opleiding af in 2006.
Nu volg ik bij het Upledger instituut de opleiding Viscerale manipulatie en Cranio sacraal therapie. Ik ben hieraan begonnen met als doel meer inzicht te krijgen in fasciaal werk. De kennis die ik bij het opleidingsinstituut van Upledger opdoe is heel bruikbaar en ligt in de lijn van mijn bestaande praktijk. Ik werk nu ongeveer 10 jaar 5 ochtenden in de week op een school voor speciaal onderwijs en doe hier de Sensomotorische training op basis van haptonomie, naast mijn eigen praktijk voor Acupunctuur en fasciaal werk.
2010 Nucleus Methodiek
Laatste ontwikkeling in mijn praktijk de Nucleus methodiek. Ook in mijn persoonlijke ontwikkeling merk ik hoe we ons kunnen bevrijden van oude vooroordelen, aannames en overtuigingen door naar de kern van vroegste ervaringen terug te gaan en zo meer te worden wie we eigenlijk zijn. Ik hoop in 2011 af te studeren.
Ik ben er in 30 jaar ervaring als therapeut van overtuigd geraakt
- dat het systeem van onderhoud en herstel van de mens in het mentale en het fysieke, intelligenter is dan de therapeut.
- dat ik alleen de natuurlijke neiging naar evenwicht en gezondheid (vitaliteit) kan ondersteunen wil een therapie echt werken.
- dat de mens als één geheel in het leven staat en ook alleen als zodanig te behandelen is. Er is geen psychisch of somatisch; er is deze mens met zijn vraag naar meer kwaliteit of herstel. De beperking die hij ervaart raakt hem in zijn totaliteit. De verbanden strekken zich uit tot het hele leven, werk, relaties, geld, gevoel van geluk, zekerheid enz.
- dat de cliënt zich bewust moet zijn van een mogelijke relatie tussen zijn klachten en zijn gedrag..
- dat het streven van therapie moet zijn om onafhankelijk te worden van therapie.